Klaasje van Altena

Klaasje werd geboren in de Grensstraat in Amsterdam, in de nacht van maandag 24 op dinsdag 25 september 2001. Na de vlot verlopen thuisbevalling blijkt dit wondertje 3380 gram te wegen. Inbakeren is plotseling weer 'in' en zo ligt ze maanden achtereen als een coconnetje in d'r wieg. Voor haar heel gewoon, maar Opa krijgt het al benauwd van de aanblik. Speentjes zijn daarentegen 'uit'. Dat wordt opgelost met het pinkje van Pappa of Mamma. Altijd bij de hand.

In haar eerste levensjaar verhuist ze naar een dorps stukje Amsterdam: Durgerdam. Als ze 1 jaar wordt begrijpt ze niet alleen al heel veel woordjes, maar begint die ook uit te gebruiken. Pappa, Mamma, Pin (spin), Boe (koe) en de op haar verjaardag gekregen Ting Ting (=driewieler met bel) behoren tot de woordenschat. De grootouderschaar is trots.

Verjaardagsballonnen zijn de basis voor de eerste voetbalervaringen. Ze staat zelfstandig maar met lopen heeft ze nog wat hulp nodig. Als je haar onder haar armpjes vasthoudt loopt ze richting ballon en geeft er met links een felle trap tegen. Schoppen is leuk!

Regelmatig gaat ze mee naar Artis, waar de aquaria de eerste dingen zijn die haar mateloos boeien. Lijkt ook verduveld veel op een grote TV en kijk: dat beeld heeft voor haar geen geheimen! Ademloos kijkt ze naar dit grote 'scherm' en de paraderende vissen.

In haar 2e levensjaar leert ze razendsnel een heleboel woordjes. Ook zoiets 'raars' als rekenen begrijpt ze zonder problemen. Haar teentjes aanwijzend zegt ze: 1, 2, 3 enz. Maar ook de worteltjes op haar bordje moeten geteld worden. Nee, dat tellen gaat prima.

Vaak helpt ze de juffies de andere kindertjes van de crèche te 'verzorgen'. Die is gevestigd in de omgebouwde stal van een echte boerderij, waardoor ze goed op de hoogte raakt van allerlei beestenboel. Ze vindt het een feest daar!

De 14e augustus 2003. Klaasje - nog geen 2 jaar oud - loopt met haar Mamma Elly langs een weiland waar een giga kudde koeien staat. Ze wijst ernaar en zegt "Kijk Mamma, oliesante!" (de F wil nog niet erg) en - na een blik van verstandhouding - "Nee, niet oliesante, hè Mamma! Hondjes!" Moeders pareert met: "Maar Klaasje, dat zijn toch helemaal geen hondjes. Dat zijn uh .... ééndjes!" waarop Klaasje guitig bevestigt: "Jahaa! Héééle grote eendjes hè?"

Dat die F-klank nog niet zo wil vindt Pappa Richard soms een zegen. Zeker als dit blonde engeltje zich in het bijzijn van vreemden ergens grenzeloos aan ergert en hardgrondig verzucht "Suck heee!"

Negen april 2004. Tweeëneenhalf jaar is De Klaas inmiddels en een pratertje van jewelste. En van wie leer je het meest? Van je ouders natuurlijk! Dus kopiëert ze hun gedrag als zij dingen uithalen die háár niet aanstaan: "Nou zeg," roept Klaas tegen haar moeder, "dát is niet de bedoeling! Wat doe je nou? Ik heb het je al HONDERD keer gezegd!" En Mamma zwijgt stil.

Een blij kind dat veel lacht. Als je het liedje van Pippie Langkous zingt MOET ze dansen. In Artis, in de supermarkt, maakt niet uit waar. En als er mensen blijven staan om te kijken is dat voor haar verhoging van de feestvreugde. Gedeelde vreugd is dubbele vreugd. Actrice in de dop!

Oktober 2004. Via een van haar Pappa geleerd liedje, weet ze al bijna het complete alfabeth op te noemen. Slimmertje! In praten en formuleren gaat ze met rasse schreden vooruit en moeilijke begrippen vormen geen hinderpaal maar een uitdaging. Woorden moet je voelen en proeven, zinsverbanden kneden en er vooral veel, veel mee oefenen. Nou, ze klèpt wat af. Alleen ... misschien zijn wij groters soms te dom om te snappen wat er allemaal in dat koppetje omgaat. Sprak Klaasje (net 3 dus): "Misschien dat het mogelijk is, maar waarschijnlijk wel, omdat de wereld is begonnen". Nou? Duidelijk?

Tussen de vele jonge mensen in haar leefomgeving, zitten regelmatig zwangere vrouwen die ze bar interessant vindt. Maar hoe zo'n baby daar nou toch komt.....? Op 26 oktober 2004 is dit in elk geval háár oplossing voor dat probleem: Ze heeft net haar maagje meer dan verwend, wrijft eens over haar bolle buikje en zegt: "M'n buik is zo dik, ik krijg er bijna een baby van!"

Het is december 2004 en als vaste bezoekster van Artis wijst ze ons wel even de weg. Favoriet zijn de ijsberen, de apen en nog altijd het aquarium. Met haar voorliefde voor moeilijke woorden (makkelijk in het gebruik ook; dat scheelt uitleg aan al die domme grote mensen!) begint ze belangstelling te tonen voor de verklarende bordjes die bij alle Artisbewoners staan. En Opa Cees leest voor. Opa leest véél voor, want het zijn er nogal wat!

Een heerlijk fantasie heeft het meisje ook en dat komt bar goed uit, want naast haar 3 echte Oma's heeft ze nog een buitenoma die lichtgestoord is. "Kom je Oma? Mee naar boven? Daar is Afrika!" en dan wordt de betreffende Xtra-oma mee naar boven getroond om als aap of olifant te dienen. Knap ook dat zelfs die treffende gelijkenis haar niet is ontgaan.

Buiten dat gestoorde, is deze Oma oliedom. "Waar woon je ook al weer Klaasje?" "Weet je toch wel Oma. Op de Durgerdammerdijk" "Ach natuurlijk. Is ook zo. Op de Drammerdijkerdurg!" Verbijsterd kijkt ze me aan en schudt het wijze hoofd: "Niet goed Oma, nog een keer". "Oh wacht even. Nu weet ik het: De Dijkerdrummerdarg misschien?" Ze slaakt een hardgrondige zucht, want het WIL verdorie maar niet lukken met dat mens. Maar opgeven? Ho maar. Oefenen zullen we. "De Drummerdarkerdijg dan?" "Neehee!" Vertwijfeld grijpt ze naar d'r hoofd. Dat domme mens iets leren? Onbegonnen werk!

Het is januari 2005. In een bomvol restaurant gaat Klaasje plotseling op een stoel staan en vraagt met het gezicht van de wereldveroveraar: "Nou! Ben ik groot, of ben ik gróót?" Je bent groots Klaas!

Als Opa en Oma Cees een middagje oppassen, mag ze mee uit eten. Daar blijkt ze de kunst van het 'hinten' al aardig te verstaan, want als haar vader telefonisch informeert of alles kits is zegt ze "Ja hoor! We zitten in een restaurant en ik dènk dat ik straks nog wel een ijsje krijg."

Het zijn winterse tijden en daarom strooide men pekelzout op de stoepen. Zegt Klaas verlekkerd "Kijk Oma, gestampte muisjes!"

Maart 2005. Bij grote uitzondering mag ze mee naar een optreden van haar moeder. Na het slotapplaus kijkt ze heel verdrietig en als haar vader vraagt "Wat is er meisje?", krijgt hij haar simpele antwoord: ZIJ wil ook wel eens applaus! Sindsdien geeft ze regelmatig 'concerten' in het zangleskamertje van Mamma. Die duikt achter de piano, Klaasje pakt de microfoon en zingt in het Engels (you're only 3 of je bennut nie) iets van Alicia Keath: "Som piepel wannittol, somzjust . . . want nottinge tol." Nog voor het eind van het liedje legt ze de microfoon weg en begint ze dankbaar (ach ja, daar doe je het als 'artiest' toch allemaal voor) het applaus in ontvangst te nemen. En wij? Eelt op de handen inmiddels!

Taal blijft overigens iets wonderlijks en bij het gebruik ervan kom je soms voor verrassingen te staan. De eerste mooie lentedag breekt aan en dit buitenkind snàkt - neusje tegen het raam van de balkondeur gedrukt - naar frisse lucht als haar logische vraag komt: "Mam, mag de deur naar het plafond even open?"

Ja hoor eens! Dat grote mensen hebben bedacht dat sommige woorden zo akelig op elkaar lijken, was niet háár idee! Is het nu echt zo vreemd dat ze - als ze met Beike, de buurhond mag wandelen - meldt "Ik ga even met haar naar het vliegbalveld"? Nou dan! Gewoon blijven proberen hoor Klaas. Maak je maar niet druk, of - om het in je eigen woorden te zeggen, "Ach, geeft niks uit hoor.....!"

De eerste keer naar 'de grote school' (groep I) in Ransdorp op maandag 5 september 2005. Maar dat ze niet eens in 1 dag geleerd heeft hoe ze moet rekenen en schrijven is toch een beetje teleurstellend. "We hebben alleen maar gevangenisje gespeeld!" Oh ja? En wie was er de baas dan, Klaas? "Ik en Abel natuurlijk!"

Klaasje wordt 4 jaar en op deze heugelijke dag komen er hordes bezoekers om het feestvarkentje te feliciteren. Het is WINX-tijd en dat zorgt voor de nodige hilariteit als het 2e WINX dvd-tje, het 3e WINX kussentje en het 4e WINX rugzakje wordt uitgepakt. Ze ziet er de lol wel van in en ligt - benen in de lucht! - schaterend op de grond.

WINX is overigens een getekenfilmde groep meiden van het type als-je-haar-maar-goed-zit, met een duidelijke scheidslijn tussen de 'goeie' en de 'slechte' types, ofwel de marge tussen het mensdom en het domme van de mens. De serie is eigenlijk voor kinderen van een jaar of 6, maar zij is er dól op. Op het schoolpleintje, dat gedeeld wordt met de grotere kinderen, zingt ze blij het WINX-liedje als er een meisje uit een hogere klas naar haar toekomt, het versje claimt als 'haar' liedje en of Klaasje d'r mond dus maar wil houden.

Bedachtzame Klaas vraagt thuisgekomen "Pappa, van wie zijn de liedjes?" "Van iedereen!" zegt haar vader "Iedereen mag liedjes zingen. Dat is juist vrolijk!". Als hij haar de volgende dag wegbrengt, stuift ze gelijk op de vermeende liedjes-eigenaresse af, en danst al WINXzingend uitdagend om het meiske heen, dat verpletterd door zoveel brutaliteit stilletjes afdruipt. "Zo, nou JIJ weer" zal Klaas wel gedacht hebben!

Vrouwen die baby'tjes krijgen hebben nog steeds haar warme belangstelling. Over hoe zo'n kunstje te flikken krijgt ze openhartige informatie te horen en te zien. Wèl verwarrend dat de TV uitzending die ze daarover zag nu net over reageerbuisbevruchting ging: "Pappa en Mamma gaan hééél hard knuffelen en dan komt er een zaadje uit Pappa's piemel en die gaat héééél hard rennen naar de dokter en dan stopt de dokter het zaadje in het eitje .....!" Ho, ho,ho Klaasje! Deze interpretatie vraagt in de loop van de tijd toch nog enige verrassende bijstelling.

 

© Copyright Lydia Hoogland